Ah I know some with Parkinson's too...

Laat dat Parkinson maar aan mij over

Ergens tussen dag 1 en dag 2500 vanaf je diagnose denk je: luister, dat Parkinson dat is van mij, ik moet het er 24×7 mee doen, ik weet precies wanneer m’n medicijnen wel en niet werken, wanneer ik moet sporten, slapen, eten, niksen, werken, boksen, alles. 

Dus laat ’t maar aan mij over, ik weet wel hoe ik er mee om moet gaan. Als ik het even niet weet, oke, als ik het vaak niet weet, dan kijken we wel verder.

 

Zo gemakkelijk gaat dat alleen niet. Als je Parkinson of wat dan ook hebt, dan is je man, vrouw, gezin, familie bezorgd om je. Of het wel gaat, of je wel energie hebt om ’s avonds nog iets te doen, of je wel slaapt, of je goed kunt lopen, of je je pillen niet bent vergeten, of je wel genoeg/niet teveel hebt gegeten en of je er niet te veel/te weinig mee bezig bent. En net zoals je man, vrouw, gezin of wie dan ook, op jou let, doe jij dat ook op hen. Dat is het gekke ervan. Ik zit er op te letten hoe ze op mij letten. We zitten dus vrij veel op elkaar te letten. Soms wil je niet dat iemand ziet dat je ergens last van hebt, dan ga je het verbergen en hoop je dat ze niet op je hebben gelet. Ga je dáár weer op letten.

 

Vandaar dat ik laatst zei: “Laat dat Parkinson nou maar aan mij over, ik kan er wel mee overweg. Kun jij intussen even de boodschappen doen ofzo.” Dat van die boodschappen zei ik niet hoor, maar je snapt het: ‘doe jij maar gewoon je eigen ding, je hoeft niet de hele tijd op dat Parkinson van mij te letten.”

Je krijgt wel veel aandacht als je Parkinson hebt. Daar moet je op een gegeven moment vanaf. Je bent meer dan Parkinson en zo leuk is het nou ook weer niet om het er de hele tijd over te hebben of om het aanwezig te laten zijn. Tenzij je dat juist heerlijk vindt, ook priem, maar iemand anders vindt het misschien niet zo priem om het altijd en eeuwig over jouw ding te hebben. 

 

Je moet dus ook tegen jezelf zeggen: laat dat Parkinson maar aan mij over, want ik weet wel hoe ik er mee om moet gaan en als ik het even of vaak niet weet, dan verzin ik er wel wat op. 

 

Heeft wel iets relaxed he, zovan: nou, ik zie wel. Ik word nu al iets van 2500 dagen wakker met Parkinson, dus het nieuwtje is er een beetje af. Ook zijn al je dagen anders en zullen de dagen die nog komen ook allemaal anders zijn. De dagen krijgen wel steeds meer Parkinson en de nachten ook. Dat is jammergenoeg geen nieuwtje meer.

 

Als ik van die 2500 dagen dus 2500 keer iets over Parkinson heb gezegd of er tranen over heb gelaten, dan heeft mijn directe omgeving er dus ook 2500 keer over gedacht of gepraat. Nog los van wat ze in ‘hun eigen tijd’ hebben gedacht, gepraat, gehuild, getobd. Als ik in die 2500 dagen maar 1x per dag iets heb geroepen over Parkinson, dan hebben we het al over 5000 momenten (die van mij en die van m’n omgeving bij elkaar).

 

Da’s echt absurd veel. 

Laat dat Parkinson daarom maar even aan mij over. Dan hoef jij niet de hele tijd op mij te letten en kun je je eigen ding doen en dan hoef ik er niet de hele tijd op te letten of jij op mij let. En in die tijd die we dan niet druk zijn met op elkaar te letten, kunnen we misschien wel iets leuks gaan doen. 

 

Close Menu